Deze eerste halvefinaleronde werd geopend met een gongslag van ‘JP’, de ontwikkelaar van het bekende indelingsprogramma Sevilla.
Alle vier de halvefinalepartijen zijn geopend met de zet 1.e4 – dat is ook wel eens anders geweest. Nog opvallender is dat drie van de vier maal het Frans op het bord kwam – alleen Max Warmerdam en Liam Vrolijk speelden het oude en weer zeer moderne Italiaans. Sergey Tiviakov speelt met zwart tegen Erik van den Doel zijn geliefde Fort Knox-variant met 4…Ld7 en 5…Lc6 – zo genoemd vanwege de grote soliditeit die Sergey al vele malen in zijn carrière goed van pas is gekomen. Van Peng is ook bekend dat ze graag Frans speelt – Machteld van Foreest maakte er een ‘Doorschuif’ van. En het gevarieerde plaatje is compleet met de Klassieke Variant in Roebers-Kazarian, waarbij opvalt dat Roebers met 7.Ld3 de pion op d4 heeft geofferd, wat meteen een scherpe strijd inluidt. Het is eerder gezien, maar vooral in obscure partijen. Eenmaal speelde Levon Aronian het, tegen Samuel Sevian in de Sinquefield Cup vorig jaar. Sevian speelde 7…cxd4 en na 8.Pce2 Lb4+ 9.Ld2 Le7 kwamen ze toch in een vrij normale Fransoos terecht. Kazarian heeft met het paard geslagen, wat tot minder gangbare stellingen leidt.
